< Terug naar overzicht

Het Ervaringsfonds: een onbenutte goudmijn

Doet uw onderneming er alles aan om haar oudere werknemers aan de slag te houden, dan moet u dringend aankloppen bij het Ervaringsfonds. Via dit fonds zet de federale overheid jaarlijks 5 miljoen euro opzij voor de tewerkstelling van 55-plussers. Hebt u speciaal voor deze groep de werkpost aangepast? Schoolt u een ervaren werknemer om tot coach? Dan kunt u tot 80% van de factuur recupereren. De moeite waard.

De Belgische regering heeft er zich op de Top van Lissabon toe geëngageerd
om tegen 2010 zeker 50% van al zijn 55-plussers aan het werk te hebben. Met
nog amper vijf jaar zit ze nu op 26,6%, het laagste percentage in de EU (gemiddelde
39,8%). Dat is opmerkelijk omdat België in de leeftijdgroep van 25 tot
44-jarigen uitgerekend tot de kopgroep behoort voor het aantal werkenden (82%
tegenover een Europees gemiddelde van 77%).
De tewerkstelling van ouderen is trouwens een uitdaging voor elke EU-lidstaat.
Overal kampt men met een vergrijzing van de bevolking. De babyboomgeneratie
van na de Tweede Wereldoorlog bereikt stilaan de pensioenleeftijd. Tegelijk
groeit de EU-bevolking al sinds het eind van de jaren 1970 niet meer evenredig
aan. We moeten met minder mensen meer sociale lasten dragen. Om hieraan te verhelpen
is de activering van ouderen een logische keuze, want in 2010 zal 40% van de
Europeanen tussen 45 en 65 jaar oud zijn.
België heeft in ieder geval nog een eind te gaan om de Lissabon-norm te
halen. De gemiddelde leeftijd bij het einde van de loopbaan is in ons land in
50 jaar gedaald van 64,3 tot 57,7 jaar. De arbeidsmarkt schrijft de oudere werknemer
blijkbaar vroegtijdig af (pusheffecten) en tegelijk wordt de oudere werknemer
met allerlei financiële voordelen verleid om vroeger te stoppen met werken
(pulleffecten, zoals brugpensioen). Dat is paradoxaal omdat we steeds langer
jong en actief blijven en de levensverwachting in de laatste 50 jaar steeg van
65,8 naar 78,3 jaar. Toch verkiest de economie jonge werknemers boven oudere
krachten.
> Rijke ervaring
De federale overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en, Sociaal Overleg wil
iets doen aan deze 'afstoot' van oudere werknemers. In de wet van 5 september
2001 tot verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers, werd het
Ervaringsfonds opgericht, een fonds dat 'de kwaliteit van de arbeidsomstandigheden
van werknemers boven de 55 jaar' moet bevorderen, om hen op die manier aan te
sporen langer te blijven werken. Het fonds tracht dat doel op twee manieren
te bereiken. Het geeft raad en concreet advies aan ondernemers die het werk
van hun oudere personeelsleden lichter en aangenamer willen maken en kent financiële
steun toe aan bedrijven die hiertoe effectief maatregelen treffen. De criteria
om van een toelage te kunnen genieten, liggen vast in het koninklijk besluit
van 30 januari 2003. Het Ervaringsfonds kwam er op initiatief van toenmalig
minister van Werk en Pensioenen Frank Vandenbroucke (sp.a) en toenmalig staatssecretaris
voor Arbeidsorganisatie en Welzijn op het werk Kathleen Van Brempt (sp.a). Zij
beslisten op 15 april 2004 om voor de uitvoering van de wet de nodige middelen
vrij te maken. Het Ervaringsfonds heeft een budget van 5 miljoen euro op jaarbasis.
Met de vrijgekomen middelen kon het fonds zijn team vervolledigen. Het is sinds
februari 2005 operationeel.
Het Ervaringsfonds is een federaal initiatief. Drijvende kracht voor Vlaanderen
en Brussel is projectontwikkelaar Mark Boulanger. HR Square luisterde geboeid
naar zijn uitleg over de werking van het fonds op een seminarie van de Unlimited
Business Club (UBC) in Mechelen. Boulanger, zelf 55-plusser, overtuigt ons van
de meerwaarde van oudere werknemers: "Ze hebben door hun ervaring het aanvoelen
om op de juiste momenten de juiste beslissing te nemen. Ze weten van aanpakken
omdat een situatie die zich voordoet zelden echt nieuw is. Ze handelen in de
geest van de bedrijfscultuur, zijn polyvalent en hebben een betere taalkennis.
Hun persoonlijke eigenschappen zijn anders. Ze werken autonoom en grondig, hebben
zich verzoend met het leven en hebben minder kopzorgen dan jongere collega's
die trouwen, een huis bouwen en kinderen grootbrengen. Daardoor zijn ze geduldig
en kunnen ze zich volledig op het werk richten. En op de klant."
Mark Boulanger is niet blind voor de troeven van de jeugd. Hij looft haar parate
kennis van nieuwe technologieën en informatica en prijst haar dynamiek,
creativiteit en ambitie. Ondernemingen zoeken best naar een gezonde mix van
jongere en oudere werknemers. Ze moeten erover waken dat de kennis niet met
de oudere werknemer uit het bedrijf verdwijnt.
> Loon naar ouderwerk
Het Ervaringsfonds wil simpelweg zoveel mogelijk 55-plussers op de arbeidsmarkt
houden. Een bedrijf kan daaraan meewerken door zijn arbeidsorganisatie aan te
passen aan de noden van zijn oudere werknemers of door de arbeidsomstandigheden
waarin die moeten werken te verbeteren. Het kan dat ook door de werknemers in
kwestie beter op te leiden zodat ze in de organisatie andere taken kunnen opnemen
en waardoor hun kansen op de arbeidsmarkt per definitie vergroten. Denk bijvoorbeeld
aan een algemene cursus informatica. Met de opgedane computerkennis kan de ervaren
werknemer in een fabriek een coördinatiefunctie opnemen in plaats van zelf
zwaar fysiek werk te moeten verrichten. Tegelijk vergroot hij met die nieuwe
vaardigheden zijn algemene overlevingskansen op de arbeidsmarkt, eventueel in
een ander bedrijf. Al is de laatste optie waarschijnlijk niet meteen deze die
de bedrijfsleider in gedachten had.
Ondernemingen die concrete initiatieven nemen om de 55-plussers aan het werk
te houden of om hun arbeidswelzijn te verbeteren, komen in aanmerking voor betoelaging
door het Ervaringsfonds. Ze kunnen 50 tot 80% van de kosten van de genomen maatregelen
recupereren (zie hieronder). De onderneming verbindt er zich dan wel toe de
werknemers op wie de actie gericht is nog minstens één jaar aan
het werk te houden, te tellen vanaf de start van het verbeteringsproject, na
de aanvraag van de toelage bij het Ervaringsfonds. De toelage kan teruggevorderd
worden wanneer de werkgever de werknemer binnen 12 maanden op non-actief zet
(ontslag, pensioen of brugpensioen). De toelage komt niet in gevaar wanneer
de werknemer voor een baan kiest in een ander bedrijf. De initiële doelstelling
van het Ervaringsfonds, het behoud van een baan, wordt dan nog altijd bereikt.
Bovendien heeft de werkgever geen vat op de keuze van zijn werknemer.
Een ander detail: ook voor werknemers waarvan u 100% zeker bent dat ze nog minstens
één jaar blijven, geldt de betoelaging. U wordt beloond omdat
u het hen ook effectief gemakkelijker maakt om aan de slag te blijven. De mogelijke
terugvordering van toelagen is in de praktijk nog niet voorgekomen. De soep
wordt niet zo heet gegeten als ze wordt opgediend.
Commentarieert Mark Boulanger: "Als er toch een aantal werknemers uit de
doelgroep binnen het jaar afhaakt, zullen we dat zeker nader bekijken. We zullen
onderzoeken wat de redenen zijn van het vertrek of de vroegtijdige pensionering.
Gaat het om zuiver privé- of familiale oorzaken waaraan weinig kan verholpen
worden, dan zijn we zeker flexibel. Het is gewoon niet de bedoeling dat een
bedrijf de toelagen benut voor veranderingen, terwijl de brugpensioencontracten
al klaarliggen voor ondertekening."
Strikte criteria om de toelage al dan niet terug te vorderen, zijn er (voorlopig?)
niet. Boulanger: "Als de maatregel gericht is op vijftig 55-plussers, dan
is het moeilijker om ze alle vijftig een jaar in dienst te houden dan wanneer
het gaat om vijf werknemers. We leggen hier geen percentages op, maar bekijken
de zaak per individueel bedrijf."
> Concrete aanpassing
Een intentieverklaring volstaat niet om een beroep te kunnen doen op het Ervaringsfonds.
Het moet gaan over concrete aanpassingen van de arbeidsomstandigheden of de
arbeidsorganisatie of om een studie die duidelijk maakt welke veranderingen
de 55-plussers ten goede komen. Die studie moet dan op haar beurt tot concrete
verandering leiden. Een theoretische studie op zich is onvoldoende.
Mark Boulanger geeft enkele voorbeelden van projecten die de steun van het fonds
kunnen genieten. Een zestigjarige scheepshersteller wil stoppen met het werk
om familiale redenen. De man beschikt over manuele vaardigheden die men niet
in een document kan gieten, niet in een nette Powerpoint-presentatie aan de
jeugd kan doorgeven. U kunt die werknemer motiveren om zijn kennis en kunde
door te geven door hem samen met jonge werknemers een scheepswrak te laten herstellen.
U leert hem daartoe eerst coachingvaardigheden aan. De studie naar de haalbaarheid
van dit project, de functiewijziging en de coachinguren van de werknemer komen
in aanmerking voor betoelaging.
Een ander voorbeeld: in een rust- en verzorgingstehuis wordt het werk voor 20
oudere verpleegsters te zwaar om te dragen. De directie kan een ontwerpstudie
laten uitvoeren voor de installatie van een draaglastmeter en een tilschijf
en tegelijk het werk zo organiseren dat verzorgers met rugklachten de meest
bedlegerige patiënten niet hoeven te verzorgen. De directie kan een gedeeltelijke
terugbetaling krijgen van de kosten van de studie, de toestellen en de herverdeling
van de taken (werkuren voor HR). In dit voorbeeld zijn zowel de arbeidsomstandigheden
(de nieuwe toestellen) als de arbeidsorganisatie aangepast (de taakherverdeling).
Een project hoeft evenwel niet zo ambitieus te zijn. Wilt u ergonomische verbeteringen
doorvoeren, dan kunt u ook een deel van de factuur recupereren. De verbetering
moet dan wel meer inhouden dan een simpel in regel stellen met de welzijnswetgeving.
> Meer voor de kleintjes
Het Ervaringsfonds komt pas tussenbeide als u de kosten al hebt gemaakt. U
zult facturen moeten voorleggen die de getroffen maatregelen staven. Het fonds
verzekert er zich op die manier van dat het geld juist besteed wordt. Nadeel
is dat bedrijven met een klein budget niet zo snel omvangrijke maatregelen zullen
treffen omdat ze het nodige geld niet kunnen vrijmaken.
Het onkostenpercentage dat wordt terugbetaald, daalt met de grootte van de onderneming,
maar de totale betoelaging is gebonden aan maximumbedragen (zie tabel). In een
onderneming van 50 tot 199 werknemers kunt u 60% van de projectkosten terugvorderen,
met een maximaal bedrag van 7500 euro. Kleine bedrijven kunnen tot 12.500 euro
innen voor een aanpassing. Het maximumbedrag van een project ligt dus aan banden,
maar niet het aantal projecten dat u jaarlijks kunt indienen. Het totale bedrag
dat u terugbetaald krijgt voor verschillende projecten kan dus aanzienlijk hoger
liggen dan de grensbedragen uit de tabel.
Laat u aan een aanpassing een studie voorafgaan, dan liggen de plafondbedragen
hoger. De factuur wordt dan volledig terugbetaald, tot een maximumbedrag dat
varieert naar het aantal werknemers. Een onderneming met minder dan 20 werknemers
kan tot 20.000 euro besparen. Wie een studie laat uitvoeren die toepasbaar is
op andere ondernemingen en bovendien toestaat dat de resultaten van de studie
verspreid worden, kan nog meer terugvorderen.
> Beperkingen
Voorlopig richt het Ervaringsfonds zich uitsluitend op privé-ondernemingen.
Elke privé-werkgever die ressorteert onder een paritair comité
kan een project indienen. De reglementering is niet van toepassing op de staat,
de gemeenschappen, de gewesten, de provincies en de gemeenten, de openbare instellingen
en de instellingen van openbaar nut. De Centra voor Beroepsopleiding en de inrichtingen
van het vrij onderwijs - wanneer het gaat om personeelsleden die door de gemeenschappen
gesubsidieerd worden - vallen buiten de regeling. De reden daarvoor is dat de
uitstoot van ouderen bij de overheid minder problematisch is dan in de privé-sector.
Een aantal inrichtingen met financieel oogmerk, zoals de Nationale bank en de
Nationale Loterij, komt wel in aanmerking.
Het project zelf moet de loutere uitvoering van bestaande arbeids- of welzijnsreglementering
overschrijden, anders schiet het fonds zijn doel voorbij. De toelage heeft ook
een exclusief karakter. Dit wil zeggen dat ze niet combineerbaar is met andere
toelagen voor hetzelfde project, tenzij het gaat over een vermindering van de
socialezekerheidsbijdragen zoals in het kader van het Activa-plan.
Voorts is het de bedoeling dat de werknemers op wie de maatregelen gericht zijn,
bij het initiatief betrokken worden. Het Ervaringsfonds komt ook pas met een
toelage over de brug wanneer op sectoraal of ondernemingsniveau een collectieve
arbeidsovereenkomst het initiatief goedkeurt. Wellicht vervalt op termijn die
laatste beperking (zie verder) omdat ze te veel kleine ondernemingen verhindert
om in het systeem te stappen.
> Procedure
In de praktijk zullen de verantwoordelijken voor het HR-beleid wellicht het
initiatief nemen voor een project dat zich op de oudere werknemers richt. De
interne dienst voor preventie op het werk én het CPBW (of de syndicale
delegatie, of, bij ontstentenis, de werknemers zelf) moeten wel een gunstig
advies verstrekken.
De onderneming vult een standaardformulier in voor de aanvraag van de toelage
en zendt die naar de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. Het team
van het Ervaringsfonds onderzoekt de aanvraag en brengt binnen drie maanden
advies uit aan de federale minister van Werk. Bij ongunstig advies licht het
fonds de werkgever zelf in. Die kan bij de Nationale Adviserende Raad voor Bevordering
van de Arbeid bezwaar aantekenen tegen de beslissing. Bij gunstig advies beslist
de minister binnen de twee maanden of hij de toelage goedkeurt. Zoals gezegd
wordt de toelage pas uitbetaald wanneer de maatregelen zijn getroffen. De onderneming
moet de nodige financiële stukken voorleggen.
De wetgeving over het Ervaringsfonds leidde in de Programmawet van 27 december
2004 al wel tot een aantal wijzigingen, die nog op een nieuw Koninklijk Besluit
wachten. Dat komt er allicht dit najaar. De geplande veranderingen hebben één
ding gemeen: versoepeling van de regels en dus verruiming van het toepassingsgebied.
Zo wordt de leeftijdsgrens van 55 jaar hoogstwaarschijnlijk verlaagd naar 45
jaar, komen naast privé-ondernemingen ook sectoren en andere organisaties
in aanmerking voor subsidies en valt de eis weg dat het initiatief moet goedgekeurd
zijn door een cao. Alle hens aan dek dus, want 2010 nadert. Het wordt de regering
warm onder de voeten.



Vera Audoor (Creyf's)
Senior experience-consulente geeft zelf goede voorbeeld
Vera Audoor, senior experience consulente van Creyf's, is tevreden over het
Ervaringsfonds. Ze genoot een toelage voor de individuele coaching van een 55-plusser.
In het eigen huis en bij klanten-ondernemingen pleit ze vurig voor de aanstelling
van oudere werknemers. Die zijn nog niet afgeschreven, zegt ze. De kwieke Audoor,
zelf 55, zet die woorden kracht bij. In 2006 vertrekt ze op Noordpoolexpeditie.
Niet bang van ijsberen.
Creyf's wierf in september 2004 de ervaren Vera Audoor aan als training &
development manager. Het uitzendbureau verstevigde daarmee zijn ouderenretentiebeleid.
Audoor heeft 15 jaar ervaring als zelfstandig consulente in opleidingen en competentiemanagement
en individuele coaching en specialiseerde zich onder meer in de begeleiding
van oudere werknemers. Bij Creyf's richt ze haar aandacht specifiek op de oudere
medewerkers en moedigt ze bedrijven aan om bij een nieuwe functie eens wat vaker
voor een 45-plusser te kiezen. Audoor maakt er actief werk van om het Ervaringsfonds
en de bedrijfswereld met elkaar in contact te brengen.
> Professionals
Bij Creyf's zelf deed Vera Audoor nog maar één keer een beroep
op het Ervaringsfonds. Een 58-jarige medewerkster wilde wel blijven werken,
maar kon door omstandigheden haar functie niet meer naar behoren uitoefenen.
Audoor startte een individuele coaching en zorgde ervoor dat de vrouw in een
nieuwe functie optimaal functioneerde. De werkneemster zelf was erg tevreden.
Haar absenteïsme door werkdruk werd tot nul herleid. Creyf's recupereerde
via het Ervaringsfonds een deel van de kosten van de individuele coaching en
de interne beroepsopleiding. Ook het nettoverlies van productieve werkuren werd
in rekening gebracht. U hoort Audoor niet klagen: "Het verschil met andere
overheidsinitiatieven is dat het Ervaringsfonds is samengesteld uit een team
van mensen die stuk voor stuk uit de bedrijfswereld komen. Het fonds heeft duidelijk
voeling met de dagelijkse werking van een bedrijf. Ze snappen daar dat het vooruit
moet gaan. De teamleden kennen hun dossier en antwoorden zeer snel op vragen.
Dat is binnen de ambtenarij wel eens anders."
Vera Audoor is go-between tussen het Ervaringsfonds en bedrijfswereld en dus
verwacht je van haar niet zo snel kritiek op dat fonds. Maar toch: "De
aanvaardingstermijn van de aanvraag tot toelage en de uitbetalingstermijn kan
tot enkele maanden oplopen. Dat kan korter. Bedrijven hebben vandaag een plan,
niet over drie maanden."
> Levend bewijs
De senior experience was bij Creyf's ook aan een tweede adem toe. Het uitzendbureau
startte er al mee in 1995, maar de inspanningen kenden een matig succes. "Tien
jaar geleden associeerden oudere personen uitzendarbeid uitsluitend met korte
opdrachten in altijd wisselende bedrijven. De drempel was groot en Creyf's heeft
die nu verlaagd", zegt Audoor. "Aparte consultants richtten zich specifiek
op de doelgroep van oudere uitzendkrachten. Die werden gemotiveerd om zich aan
te melden. Tegelijk zette Creyf's bij bedrijven de troeven van de ervaren werknemers
in de verf en drong het aan om die mensen een kans te geven.
Het verschil met vroeger is dat ik nu ook meer advies verstrek aan de bedrijven.
Ik leg de werking van het Ervaringsfonds uit en geef concrete voorbeelden. Zo
kunnen de ondernemingen zelf zien wat voor hen haalbaar is. Er vallen grenzen
weg. Ik maak ook werk van bedrijfsbezoeken. In een fabriek die op korte termijn
100 werknemers nodig heeft, ga ik kijken of de arbeidsomstandigheden ook toelaten
om oudere monteurs aan te werven. Is dat het geval, dan moedig ik de bedrijven
aan daar ook toe over te gaan."
> IJsberen trotseren
Vera Audoor is dit jaar zelf 55 geworden, maar heeft nog niets aan dynamisme
ingeboet. Volgend jaar krijgt ze de kans een jeugddroom en een beroepsmissie
samen waar te maken. Als bij toeval kwam ze in contact met Alain Hubert, een
bekend avonturier die al tal van bergen heeft beklommen en watertjes doorzwommen.
Sinds februari krijgt ze intensieve fysieke begeleiding van ex-atleet Jacques
Borlee om in april 2006 een 150 km lange raid op de Noordpool te wagen. In het
Finse Sevettijarvi, op 350 km boven de Noordpoolcirkel, stapte of langlaufte
ze bij wijze van training 5 uur per dag bij temperaturen tussen -38°C en
-25°C. In augustus trekt ze op terreinverkenning naar Spitsbergen. Ze slaapt
er in een tentje en moet er leren omgaan met de aanwezigheid van (agressieve)
ijsberen. Creyf's zal het project financieel ondersteunen en sponsoren. Een
ideale campagne om haar zorg voor oudere werknemers zichtbaarheid te geven.
Audoor is nog gretig op zoek naar bijkomende sponsors. Of het Ervaringsfonds
voor dit soort excentriciteiten tussenbeide komt, is echter bijzonder twijfelachtig…

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen