< Terug naar overzicht

Nieuwe wetgeving over psychosociale risico’s

Eind april verscheen de nieuwe wetgeving in verband met de preventie van psychosociale risico’s op het werk. Het voorkomen van psychosociale risico’s op het werk staat daarbij centraal.

Op 28 april 2014 verscheen de nieuwe wetgeving in verband met de preventie van psychosociale risico’s op het werk. Een overzicht van de belangrijkste bepalingen:

  • Voortaan is er sprake van ‘psychosociale risico’s op het werk’. Daarmee verlegt de wetgever de aandacht van symptomen (stress, pesterij, burn-out) naar oorzaken en factoren die problemen in de hand werken. In het preventiebeleid moet rekening gehouden worden met de psychosociale risico’s, zoals dit ook geldt voor alle andere risico’s die de gezondheid en de veiligheid van de werknemers kunnen aantasten.
  • Het voorkomen van psychosociale risico’s staat centraal. De nadruk wordt nog meer gelegd op het integreren van de psychosociale risicobeheersing in het globale dynamisch risicobeheersingssysteem. In het kader van de algemene risicoanalyse identificeert de werkgever in het bijzonder de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico’s op het werk.
  • Voortaan moet een risicoanalyse van een specifieke arbeidssituatie uitgevoerd worden op vraag van een leidinggevende of het comité voor bescherming en preventie op het werk. 
  • De werkgever blijft verantwoordelijk voor het uitvoeren van een risicoanalyse. Zowel een algemene risicoanalyse die rekening houdt met psychosociale risico’s op het werk, als een risicoanalyse van een specifieke arbeidssituatie gebeurt met medewerking van werknemers en met de preventieadviseur psychosociale aspecten wanneer de complexiteit van de analyse het vereist.
  • Voortaan kan een verzoek tot zowel een informele als formele psychosociale interventie worden ingediend voor alle psychosociale risico’s op het werk, bijvoorbeeld voor conflicten, ongezonde stress, burn-out of grensoverschrijdend gedrag. Een verzoek tot formele psychosociale interventie houdt in dat de werknemer aan de werkgever vraagt om de gepaste collectieve en individuele maatregelen te nemen op basis van een analyse van de specifieke arbeidssituatie en de voorstellen van maatregelen vermeld in het advies van de preventieadviseur psychosociale aspecten. De formele psychosociale interventie kan een individueel of een collectief karakter hebben. De preventieadviseur psychosociale aspecten kan een formeel interventieverzoek weigeren.
  • De vertrouwenspersoon is alleen nog bevoegd om informele interventies op te volgen. 
  • Nieuw aangestelde vertrouwenspersonen moeten voortaan verplicht een opleiding volgen van vijf dagen. De inhoud van deze opleiding is vastgelegd in het Koninklijk Besluit. De vertrouwenspersoon zal ook jaarlijks een supervisie moeten volgen waarbij ervaringen over praktische gevallen worden uitgewisseld.
  • De preventieadviseur van de interne dienst zal automatisch de informatieopdrachten van de vertrouwenspersoon uitoefenen.

De wetgeving treedt in werking op 1 september 2014.

Bron: FOD Waso

 

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen