< Terug naar overzicht

Verder werk maken van werk in de zorgsector

De Vlaamse regering keurde op 12 juli de conceptnota over het geactualiseerde actieplan 'Werk maken van werk in de zorgsector' goed. Het plan werkt rond drie pijlers: instroom versterken, efficiënter en effectiever inzetten van personeel en een HRM-beleid uitbouwen in functie van werving, retentie en carrièreplanning van medewerkers.

Dit actieplan geeft een vervolg aan het plan dat in 2010 gelanceerd werd. "Alleen door een bundeling van alle krachten en initiatieven zullen wij de grote uitdaging kunnen aangaan om voldoende mensen te blijven vinden die zorg willen dragen voor de medemens", zegt minister Jo Vandeurzen.

Eind 2012 was het duidelijk dat de genomen initiatieven hun vruchten hebben afgeworpen. Zo zijn het aantal openstaande vacatures bij de VDAB in de zorgsector voor het eerst in 6 jaar (vergelijking tussen dezelfde maand) licht gedaald en blijft het aantal studenten in de verschillende zorgopleidingen stijgen.

Het aantal openstaande vacatures bedroeg in december 2012 voor verpleegkundigen 1370 en voor verzorgenden/zorgkundigen 494. Ook in de opleiding personenzorg is er de voorbije jaren een stijging vast te stellen, ondanks het dalend aantal jongeren. De richtingen personenzorg (binnen het vrij onderwijs), BSO en TSO samen, tellen dit schooljaar meer dan 33.500 studenten.

Ook in andere zorgopleidingen is er eenzelfde evolutie. De opleiding ergotherapie bijvoorbeeld kent een stijging van het aantal inschrijvingen met 6,6 procent en is sinds dit jaar geen knelpuntberoep meer. Het eerste actieplan kan dus beschouwd worden als een succes en daarom werd een tweede, geactualiseerd plan ontwikkeld.

Ook in 2013 wordt onder leiding van de Vlaamse zorgambassadeur Lon Holtzer een promotiecampagne uitgewerkt om jongeren bij het bepalen van hun studiekeuze te informeren over de mogelijkheden in de zorg- en welzijnssector. Dergelijke positieve campagnes waarbij in de eerste plaats wordt ingezet op een correcte beeldvorming, blijven broodnodig.

In het actieplan wordt ook de nodige aandacht besteed aan het creëren van voldoende stageplaatsen, aan de kwaliteit van de stages en de stagebegeleiding. Er worden voorstellen geformuleerd om de stage te spreiden in tijd en plaats, zoals bijvoorbeeld stages inrichten volgens de logica van de zorgprogramma’s, creëren van meer leerzorgcentra in diverse omgevingen en stages maximaal spreiden over het volledige academiejaar. In functie van de kwaliteit van de stages wordt onder andere werk gemaakt van mentorenopleidingen en de implementatie van het charter 'Inspirerend en enthousiasmerend klinische onderwijs- en praktijkervaring in de ouderenzorg en de geestelijke gezondheidszorg'. "Een goede stage-ervaring is vaak doorslaggevend bij de keuze van een toekomstige job. Uit onderzoek blijkt dat 88 procent van de studenten zijn beroepskeuze maakt op basis van de stage-ervaring. Daarom zet het actieplan hierop verder in", verklaart Lon Holtzer.

De Servicepunten Zorg worden eveneens verder opgestart. Eind 2011 werden de eerste vier Servicepunten Zorg gestart in de VDAB-werkwinkels van Heusden-Zolder, Hasselt, Genk en Tongeren. Uitgangspunt van dit proefproject was op een laagdrempelige manier bepaalde doelgroepen (laaggeschoolden, etnisch-culturele minderheden,...) beter toeleiden naar de zorgsector. De eerste resultaten van de Servicepunten Zorg zijn succesvol. Op tien maanden tijd hadden de vier Servicepunten Zorg samen 1677 personen (waarvan 905 behoorden tot de kansengroepen) specifiek gescreend naar een zorgopleiding. Na het gesprek begonnen 315 personen aan een opleiding.

Het actieplan stelt ook voor om na te gaan hoe het huidige zorgpersoneel 'slimmer' ingezet kan worden. Hoe kan er met een andere organisatie van de zorg meer gedaan worden met de beschikbare medewerkers, met behoud van kwaliteit van zorg? Hiervoor werd de projectgroep Z3 (Zorgvrager - Zorggever - Zorgcultuur) opgericht, die efficiënt zorgverleners en personeel in de zorg wil inzetten.

Om slimmer om te gaan met het personeel is ervaringsuitwisseling en kennisdeling noodzakelijk. Daarom kan men via de website van Flanders’ Care projecten of andere initiatieven kenbaar maken die bijdragen aan een slimmere organisatie van de zorg.

Verschillende studies (Bing in opdracht van Zorgnet, SD Worx in samenwerking met de Zorgambassadeur en de SERV met de werkbaarheidsmonitor) tonen onafhankelijk van elkaar aan dat het personeel in de zorg en/of welzijn zeer trouw is aan de sector en zijn werk zeer graag doet. Ook de werkbaarheid van de job wordt door de werkbaarheidsmonitor aangetoond. Maar dit neemt niet weg dat een blijvende aandacht voor een goed uitgebouwd HRM-beleid cruciaal is.

Vrij recent werd de nieuwe sectorconvenant Social Profit 2013-2014 tussen de sociale partners en de Vlaamse regering afgesloten. In de convenant werden specifieke maatregelen opgenomen rond HRM, meer bepaald wat betreft retentie en competentieversterking. Een overzicht van de verschillende acties die opgenomen zijn in de sectorconvenant, vindt men op www.vivosocialprofit.org.

Ook binnen het VIA4-akkoord werden er inspanningen geleverd rond het versterken van het HR-beleid. In dat kader heeft de Vlaamse regering 8,7 miljoen euro uitgetrokken voor managementondersteuning.

Bron: Weliswaar

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen